Uit diverse onderzoeken blijkt dat het met name door onwetendheid komt, zowel bij verwijzers als bij de patiënten zelf. Die laatste groep komt vaak via een omweg bij een fysiotherapeut terecht. In veel gevallen in een later stadium, terwijl juist in een vroeg stadium al veel bereikt kan worden met fysiotherapie. Met name in de eerste weken na een zware behandeling kan een speciaal opgeleide oncologie- en oedeemfysiotherapeut veel verschil maken in het ontstaan en behandelen van klachten als lymfoedeem, seroom, AWS of fibrose/littekenweefsel. 

Patiënten die niet vroegtijdig worden verwezen met hun lichamelijke klachten naar de oncologie- en/of oedeemfysiotherapeut, lopen waarschijnlijk langer met lichamelijke klachten. Als zij vroegtijdig verwezen worden voor fysiotherapie en eerder begeleiding krijgen, kan dit er mogelijk aan bijdragen om de klachten sneller te verminderen. Cliënte Marieke, 39 jaar laat weten: “Dankzij de wekelijkse behandeling bij m'n oedeem- en oncologiefysiotherapeute kon ik na de operatie vlot m'n arm weer goed gebruiken. Ik heb jonge kinderen en ben blij dat ik al heel snel letterlijk m'n handen weer vol aan ze kon hebben.”

Verscheidende drempels en barrières kunnen hieraan ten grondslag liggen. Mogelijke belemmeringen voor het tijdig doorverwijzen zijn onvoldoende kennis van hulpverleners over de fysiotherapeutische behandeling en de mogelijke effecten. Ook bestaat er de overtuiging dat als pijn, axillary web syndroom (AWS), beperkte schoudermobiliteit en lymfoedeem geleidelijk vanzelf overgaan en geen blijvende gevolgen hebben.

Voor patiënten met borstkanker is het na mijn mening als oncologie- en oedeemfysiotherapeut wenselijk om minimaal één afspraak te hebben bij een oedeem- en/of oncologiefysiotherapeut voor informatie en adviezen. Een nog optimalere situatie zou zijn dat patiënten met borstkanker preoperatief al gescreend worden door een oedeem- en/of oncologiefysiotherapeut. De patiënten zouden dan al informatie en adviezen kunnen inwinnen over lichamelijke klachten die mogelijk kunnen ontstaan als gevolg van de behandelingen van borstkanker, en bij het optreden hiervan, zo snel mogelijk weer naar de fysiotherapeut gaan. Verder zouden er preoperatief al metingen uitgevoerd kunnen worden, bijvoorbeeld een omvangmeting van de arm. Hiermee is het mogelijk om minimale afwijkingen in armomvang na de operatie en/of gedurende en/of na de behandelingen snel vast te stellen en over te gaan tot behandelen om een toename van lymfoedeem te voorkomen.

Om een ideale zorgpad en tijdige nazorg te verwezenlijken is het belangrijk dat alle zorg-professionals betrokken bij de behandeling van de patiënt met borstkanker op de hoogte zijn van elkaars behandelmogelijkheden.